← terug naar impressies

Werkplaats Natuur- en Omgevingsopstellingen, 29 maart 2019

Natuur- en Omgevingsopstellingen blijken veelzijdig toepasbaar te zijn. Waar het de vorige keer om grote ecologische en maatschappelijke vraagstukken ging, staan deze keer meer persoonlijke vragen centraal. Wat heeft de sterke toename van teken en door hen veroorzaakte ziekten ons te zeggen? En kan een opstelling over de geboorteplek helpen om de eigen plek in het leven te vinden? Het lenteachtige weer maakt het mogelijk de opstellingen deze keer buiten te doen, in een groene zone in een Utrechtse buitenwijk. Opvallend is hoe de buitenomgeving betekenisvol gaat meespelen.

Hebben tekenbeten betekenis?

De vraagsteller werkt veel met kinderen in de natuur. Het beklemt haar dat kinderen niet meer vrij in het bos kunnen spelen doordat er steeds meer teken zijn die ziekten op mensen kunnen overbrengen. Ook controleren, ondanks haar waarschuwingen, niet alle ouders hun kinderen na thuiskomst goed. Heeft deze toename van teken en de ziekten die zij overbrengen de mens wat te zeggen?, is haar vraag.

De opstelling begint met drie representanten voor de Teek, de Mens en de Ziekten die door de teek worden overgebracht. De Mens wil aanvankelijk het liefst weglopen en wil geen contact maken met de teek en haar ziekten. De Teek is wel op de mens gericht en 'doet wat ze moet doen'. Van de Ziekten (schuin naast haar) wil ze het liefst weg bewegen. 'De ziekten werpen een smet op mij', zegt ze. 'Ik ben niet goed of fout, ik ben maar een dier.' Voor de Ziekten is de situatie confronterend. Niemand wil contact met haar. Alleen haar negatieve kant wordt benoemd. Het is niet in balans.
Een representant voor de Betekenis van de ziekten komt in het veld en gaat achter de ziekten staan. De Betekenis wil gezien worden, maar de mens wil dat niet zonder geneesmiddel, zonder hoop en hulp. Het lawaai van langskomend verkeer en van vuurwerk verderop kost de mens veel energie. 'Dit is precies zoals het is', zegt ze, 'er is veel overprikkeling.'
Als er nog een representant het veld in komt voor Vertrouwen, wordt de mens emotioneel. Ze kan nu de ervaring toelaten dat de Betekenis van de ziekten zacht en mededogend van aard is. Met behulp van Vertrouwen beweegt ze dichter naar de Betekenis en naar de Ziekten toe (de laatste houdt de Betekenis stevig vast). De Betekenis geeft de mens te kennen: 'geef aandacht aan wat er hier en nu is, maak een pas op de plaats. De Ziekten kunnen daarbij helpen.' En: 'Je terugtrekken uit de natuur zal niet echt helpen, want ziekten zijn overal.'
De vraagsteller neemt nu de plaats van haar representant in. Oog in oog met de Betekenis van de ziekten ervaart ze hoeveel verantwoordelijkheid voor het lot van de kinderen er op haar schouders drukt en dat ze dat los mag laten. De Betekenis beaamt dat ziekte is wat het is. Het is geneesbaar als je naar de betekenis wilt kijken. Die is voor ieder mens verschillend. Wat helpt is om er neutraal en zonder oordeel naar te kijken.

Het nagesprek over deze opstelling verheldert dat, waar mensen negatief denken over ziekte, dat voor de natuur iets zonder moreel oordeel is. Ziekte is een gegeven, net zoals leven en dood. De uitnodiging voor mensen lijkt te zijn om ziekten zonder oordeel onder ogen te zien. Om het niet bij voorbaat negatief in te vullen, maar om aandachtig aanwezig te zijn bij wat er is en er een betekenis aan te geven die genezing ondersteunt.

Op zoek naar de eigen plek met behulp van de geboorteplek

In een tweede opstelling onderzoeken we de vraag wat het levenslange zoeken van een deelnemer naar haar plek in het leven te maken heeft met het feit dat haar vader zeevarend was en haar ouders in verschillende landen hebben gewoond.

De opstelling begint met twee representanten voor de Vraagsteller en haar Plek nu. De Vraagsteller voelt zich gespannen en onrustig, ze heeft last van de geluiden van de omgeving. Een langslopende poes geeft haar een welkom gevoel van rust. De Plek staat er open en rustig bij. Ze heeft ruimte voor alles en iedereen, maar ervaart niet echt een band met de Vraagsteller. Dat maakt de Vraagsteller nog zenuwachtiger en doet haar achteruit bewegen naar de rand van het veld. De poes keert terug en heeft opnieuw een geruststellende uitwerking op haar. Wanneer de poes achter de Plek gaat zitten, kan de Vraagsteller voor het eerst de Plek aankijken. Ze wil er wel en niet naar toe. Met een omtrekkende beweging komt ze zachtjes dichterbij en vraagt de Plek 'wie ben jij?' Terwijl de Plek antwoordt dat ze haar plek is en dat ze welkom is, loopt de poes zachtjes weg. De Vraagsteller durft echter toch nog niet echt op haar plek te gaan staan. Mag ze daar wel staan?
Een representant die als Brug het veld in komt, kan haar niet over haar angst heen helpen. Dat verandert pas wanneer er nog een representant bij komt voor de Geboorteplek van de vraagsteller. Eerdere ervaringen bij opstellingen hebben aangetoond dat het weer in contact komen met onze geboorteplek kan voelen als een thuiskomen op zielsniveau.
Als de Geboorteplek de Vraagsteller vanuit een hoek van het veld aankijkt, roept dat bij de vraagsteller veel emotie op. Het is alsof ze dit altijd heeft gemist. Ze wordt naar haar Geboorteplek toegetrokken, waar de Geboorteplek haar bevestigt: 'Ik ben jouw geboorteplek, ik ben er helemaal voor jou, je kunt altijd naar mij terug.' De vraagsteller wordt er diep door geraakt. 'Dit is mijn bestaansrecht', zegt ze. Samen met haar Geboorteplek beweegt ze nu naar haar Plek toe. Het lukt haar nu er verbinding mee te maken en haar Plek te omhelzen. Het geeft haar veel kracht om zich haar plek toegeëigend te hebben, in verbinding met haar geboorteplek.

Een derde korte opstelling over de vraag van een andere deelnemer naar haar verhouding tot haar geboorteplek geeft een soortgelijk beeld te zien. De ontmoeting met de geboorteplek geeft de vraagsteller de ervaring welkom te zijn en bestaansrecht te hebben. Daarmee wordt het makkelijker om de eigen plek in het leven te vinden.

Vertrouwen

Voor de deelnemers was het een rijke middag. 'Het geeft me meer vertrouwen in de loop der dingen', werd er gezegd. 'Het relativeert mijn verantwoordelijkheid. Of mensen wel of niet Lyme krijgen van tekenbeten heb je als natuurgids niet in de hand, die last hoef je dus niet op je te nemen', erkende een ander.
Opvallend was het voor iedereen hoe de buitenomgeving mee ging doen: de poes die langskwam en ontspanning bracht, kindergeluiden op de achtergrond die luchtigheid gaven, knallend vuurwerk en langsrijdende auto's die de drukte symboliseerden die tot ziekte kan leiden. 'Niets gebeurt voor niets in systemisch werk', werd er geconstateerd.

← terug naar impressies